logo

Contactinformatie

Vendelier 57D, 3905 PC Veenendaal

Tel: 030 - 6355250
E-mail: info@szpluimvee.nl

 
 

Aanrijdgevaar bij de aanvoer

Aangemaakt op 29 september 2026
 
In sommige slachterijen is de aanvoer van kratten/containers geautomatiseerd en worden ze direct van de vrachtwagen op een band geladen. In de meeste pluimveeslachterijen worden de kratten/containers met en zonder kuikens meerdere keren door heftrucks verplaatst in de aanvoerhal. De hallen zijn vaak donker, om de kuikens rustig te houden.
In de aanvoerhal lopen ook medewerkers van het bedrijf en de Toezichthoudend Dierenarts van de NVWA. De NVWA heeft in samenspraak met de Werkgroep Veilig en gezond werk van de sector voorschriften opgesteld voor pluimveeslachterijen om veilig werken in de aanvoerhal voor haar medewerkers te garanderen. Deze voorschriften zijn ook van belang voor de veiligheid van eigen medewerkers in de aanvoerhal en zijn hieronder verwerkt.
 
NB. Als de situatie in de aanvoerhal niet voldoet aan de voorschriften van de NVWA zal de NVWA dat schriftelijk aangeven en een gesprek aangaan om het bedrijf tot verbetering aan te zetten. Zo nodig worden vervolgstappen gezet.
 
Risico
Bij het laden en lossen van vrachtwagens in de aanvoerhal en bij het verplaatsen van kratten/containers, kunnen aanrijdingen tussen heftrucks en voetgangers plaatsvinden.
 
Eisen
Eisen bij aanrijdgevaar in de aanvoerhal zijn:
 
Algemene eisen:
• Die looproute is op kritische plekken voldoende verlicht voor het opmerken van oneffenheden en waarbij de voetganger zichtbaar is voor intern transport.
• De vloer van de veilige route is schoon en vrij van gaten, open putten en andere oneffenheden die kunnen leiden tot struikelen;
• Vloeren waarover gelopen wordt, worden regelmatig gereinigd ter voorkoming van uitglijdgevaar.
 
Eisen bij niveau Goed
Bij nieuwbouw en verbouw van de aanvoerhal wordt niveau Goed geëist. Bedrijven met een bestaande hal waar niveau Goed bouwkundig en logistiek haalbaar is, worden gestimuleerd aan dit niveau te voldoen. In niveau Goed worden voetgangers en heftrucks fysiek van elkaar gescheiden waardoor aanrijding niet mogelijk is. De factor gedrag is hierbij niet van toepassing.
 
1. Geautomatiseerd losproces
Het lossen van de containers uit de trailer gebeurt door geautomatiseerd lossysteem waarbij geen heftruck aan te pas komt. Van aanrijdgevaar is in dit geval geen sprake.
 
Of:
2. Fysieke scheiding tussen heftruck- en voetgangersverkeer
Er worden maatregelen genomen om voertuigen en personen te scheiden in de aanvoerhal door het creëren van vrij liggende looppaden en rijroutes, gescheiden door bv hekwerk of barriers.
       
Eisen bij niveau Voldoende
Wanneer het in bestaande bouw niet mogelijk is om maatregelen 1 of 2 te nemen zoals hierboven genoemd bij niveau Goed, is niveau Voldoende vereist. Daarbij moet organisatorische maatregelen 3a en/of 3b, aangevuld met technische maatregelen op het voertuig 4a en/of 4b. Daarnaast moeten persoonlijke maatregelen worden genomen, zoals hieronder genoemd bij punt 5. Deze maatregelen zijn minder doeltreffend dan de maatregelen genoemd bij niveau Goed omdat ze deels afhankelijk zijn van gedrag van medewerkers.
 
3a. Organisatorische maatregelen om het risico op een aanrijding te verkleinen 
• Maak de route door de hal zo kort mogelijk. Aandachtspunt: wanneer een andere toegangsdeur wordt gekozen moet ook de route buiten de hal naar deze deur veilig zijn; 
• Neem doeltreffende organisatorische verkeersmaatregelen om de eigen medewerker of NVWA-medewerker veilig door de hal te laten lopen waarbij hij wordt afgeschermd van het gevaar. Acceptabel is o.a.: Stilzetten van de heftruck wanneer de voetganger door de werkzone van die heftruck loopt; 
• Zorg voor verkeersmaatregelen zoals stoplichten, rode zone, zebrapad die voldoende zorgdragen voor een veilig werkgebied. 
• Zorg dat tijdens de controle van de koppels door de NVWA-medewerker doeltreffende maatregelen getroffen, waardoor de vorkheftruck niet binnen het werkgebied komt. Bv door een stoplicht te plaatsen voor de te controleren gangen. 
• Zet de te controleren koppels in een apart gebied.
 
3b. Organisatorische maatregel die het voertuig automatisch laat stoppen 
Gebruik een systeem waardoor er communicatie plaatsvindt tussen het voertuig en de voetganger in het werkgebied van dat voertuig en waardoor dat voertuig deze autonoom (nagenoeg) onmiddellijk tot stilstand komt.
 
4a. Middelen die machinist/bestuurder in staat stellen beter overzicht te hebben 
Uitgangspunt is dat de bestuurder 360 graden zicht tijdens het rijden heeft. 
Zorg dat bij het rijden met een heftruck het uitzicht op de geheven last zo min mogelijk beperkt is. Als het zicht door de last wordt beperkt ondersteunen één of meerdere van de volgende technische maatregelen: 
• (360 graden) camerasysteem 
• Radarsysteem 
• Ultrasoon 
Wanneer het uitzicht door de lading wordt belemmerd, dient er achteruit te worden gereden. 
 
4b. Middelen die de omstanders waarschuwen/attenderen op aanrijdgevaar 
Er worden maatregelen genomen om omstanders te waarschuwen/ attenderen op een naderend voertuig, zoals: 
• Akoestisch signaal. 
• Lichtlijnen op de grond die de gevarenzone aangeeft van het voertuig en/of de rijrichting. 
• Markeringen op het voertuig met waarschuwingen voor dode hoeken. 
 
5. Persoonlijke maatregelen nemen om het risico op een aanrijding te verkleinen
Dit zijn maatregelen die, bij het niveau voldoende, altijd moeten worden genomen.
 • Om de zichtbaarheid van medewerkers in de aanvoerhal te vergroten dragen zij altijd zichtbaarheidskleding volgens EN-ISO 20471. 
• Medewerkers zijn geïnstrueerd/opgeleid voor het toepassen van het ‘zie jij mij, zie ik jou’ principe. Het principe “Zie je mij, zie ik jou” betekent dat je altijd oogcontact zoekt met de chauffeur voordat je in de buurt van een voertuig komt. Als jij geen oogcontact hebt met de bestuurder, dan ziet hij jou waarschijnlijk ook niet.
 

Zie ook de arbocatalogus-richtlijnen:
Aanvoer
Intern transport en hijsmiddelen